Toen stopte de Dans

on

Toen stopte de dans, je had haar geleid, mij gedragen. Niet eerder wist ik me zo veilig en geborgen. Je droeg me, ik had een blind vertrouwen dat je me niet zou laten vallen.

Je viel, of je struikelde of kon mij niet houden.

Ik raapte mezelf op, raapte jou op. Droeg mijzelf, droeg jou.

Vertrouwen lag in scherven om ons heen, ze raakten mij maar konden me niet breken, ik keek naar de toekomst. Droomde de zon op mijn gezicht en kon ons beide dragen.

De wolken die onze horizon hadden verborgen losten langzaam op, verlangen weer te mogen dansen keerde terug, ik kon me weer geven en gaf vol overgave.

Partronen dansten hun cyclus, in stille sluimering, ik zag en hoorde hen niet, misschien durfde ik hen niet te zien, herkende ik de stilzwijgende voortekenen.

Ik liet me weer dragen, sloot mijn ogen en stond mijzelf toe weer te vertrouwen, vol overgave, opnieuw, dat je me dragen kon.

Je viel, of struikelde, of kon mij niet houden.

Dit keer duurde het langer tot ik mezelf kon oprapen, tot ik jou kon oprapen.

Ik droeg ons, met ongekend vertrouwen dat de zon ooit weer schijnen kon. Wolken waren donkerder dan voorheen, het zicht op de horizon door mist vertroebeld.

Lange tijd sleepte ik ons voort, door de vele grijze tinten van de mist die ons had omringd.

Patronen lieten zich niet stil stemmen, hun cyclus herwon aan kracht, haar scherp gefluister bereikte mij. Ik bedekte mijn oren, ik wilde zo graag terug naar gedragen worden, naar me veilig en geborgen voelen. Ik droeg ons, en liet jou weer op eigen benen staan.

Minder wankel leken ze dit keer, ik durfde voorzichtig weer te vertrouwen.

Je wilde me dragen, het was te vroeg. Ik durfde niet los te laten, kon mijn ogen niet sluiten en geborgenheid toelaten.

Lang duurde het, de scherven vervaagden in tijd maar verdwenen nimmer. Soms sneed ik me aan een enkele scherf, soms stapte ik in midden in grote scherven. Telkens weer raapte ik ze op, stuk voor stuk met grootste voorzichtigheid. Ik verzorgde mijn wonden, accepteerde mijn gemis en wist…je kon me nog niet dragen.

Langzaam brak de zon door, de eerste breekbare stralen durfde ik niet te zien, de eerste warmte durfde ik niet te voelen. Na een tijd sloot ik mijn ogen, voelde de warmte, voelde me veilig en geborgen.

Ik liet me weer dragen, met vol vertrouwen. Een glimlach brak door, de pijn was vervaagd tot een stoffig schilderij ergens achtergebleven in de mist.

Je kon mij niet houden of liet los, ik viel.

Voorzichtig kijk ik om me heen, scherven van nu, scherven van voorheen, ontelbare scherven. Groot en klein, afgestompt en scherp. Ze reflecteren de pijn die ik niet wil zien.

Je draagt me niet meer, ik kan me niet meer laten dragen, ik kan de val niet meer breken en jou niet meer oprapen.

Advertenties

Plaats reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s