Een Sprong in de Diepte

Geknield zat ze daar, haar rug recht, de schouders iets gebogen. Ze had haar hoofd licht gebogen, een deel van haar haren vielen voor haar gezicht. Ze herkende het automatisme waarmee ze de haren weg wilde wegen en de rust in het niet toegeven aan dit, gewoontegetrouwe, mechanisme.
Haar lichaam herinnerde zich de houding, de houding die zo vertrouwd geworden was.
Die voor haar niets te maken had met vernedering en onderdanig afwachten maar een houding die sprak over sterkte en kracht. Met een glimlach herinnerde ze zich haar eerste confrontaties met zichzelf, de behoefte tot overgave die onderuit geschopt werd door de wil om niet toe te geven. Mechanismen en automatismen die het haar moeilijk hadden gemaakt toen ze probeerde één te worden met haar overgave. Het was haar altijd zwaar gevallen, had gezorgd voor innerlijke conflicten en interne strijden en regelmatig was ze van zichzelf en haar overgave weggelopen.

Tot….ze hem had ontmoet.
Wat het was geweest kon ze tot op de dag van vandaag niet vertellen, ze had een rust en balans in hem gevoeld die ze bij andere Dominanten niet had ervaren.

Bij hem waren een groot deel van haar interne strijden en innerlijke conflicten weggevallen, natuurlijk niet allemaal maar bij hem voelde het natuurlijk. Alsof haar zijn een connectie herkende die voor haar niet tastbaar was, ze had gaandeweg leren vertrouwen op wat haar lichaam haar influisterde. Ze was zelden meegegaan met de uitgestippelde paden die menig Dominant voor haar had uitgetekend, in de momenten dat ze dit had gedaan was ze tot de ontdekking gekomen dat het haar van zichzelf losmaakte.

In dat proces was ze zichzelf een tijdlang kwijt geweest, ze kon zich niet meer herinneren waar ze zichzelf was kwijt geraakt, of er een aanleiding voor was geweest. Ze herinnerde zich slechts de eenzaamheid die poogde haar mee te nemen in een voortdurende dans vol verlangen.
Een enkele keer had ze zichzelf laten verleiden door de intense behoefte aan overgave, wat ertoe leidde dat ze eventjes meende te kunnen vliegen, te worden gedragen, tot ze wakker werd in een kilte die eerdere kiltes wist te overstijgen.
In de koude donkerte nam ze zich dan voor een volgende verleiding te weerstaan omdat de kater naderhand een groot deel van de eerder ervaren pracht wegnam, liet afbrokkelen tot het een vage herinnering was met een zwart omringd randje dat schreeuwde…niet meer doen, niet opnieuw toegeven. Wees sterk, wijs de overgave af tot zij zich vanzelfsprekend aandient.

In een periode vol eenzame dansen was uit het niets dat moment aangebroken, overgave nam de dans uit handen en leidde haar in de handen van een man die haar wist te leiden zoals ze nog nooit geleid was. Het was geen leiden, hij had haar vrij gelaten. Hij liet haar zweven, stond haar toe te dromen, weg te drijven en terug te keren in de veiligheid van zijn armen, met de wetenschap dat hij nimmer zou vragen waar ze naartoe was gevlogen omdat voor hem de blik van haar vlucht het mooiste geschenk was dat ze hem geven kon.

Beleven en delen met hem werd een nieuwe reis die haar had gebracht bij waar ze nu was. Met de glimlach nog steeds op haar gezicht pakte ze de rechterboei uit de lade en deed deze om haar pols. Het was of haar lichaam een zucht van verlichting slaakte, ze pakte de tweede boei en sloot deze om haar linkerpols. Ze keek naar de patronen in de boeien, los van elkaar waren het slechts boeien, eenmaal bij elkaar gebracht werden ze een vloeiende beweging van lijnen die door elkaar leken te gaan zonder elkaar te raken, en toch met elkaar verbonden waren.

Ze legde haar handen met de palmen naar boven op haar bovenbenen en even, heel even, werd ze overvallen door een oud gevoel van paniek. Even vlug als ze het had waargenomen was het weer verdwenen en nam ze een deken van warmte en rust waar die over haar neerdaalde, als zachte sneeuwvlokjes die haar huid streelden en zich tot een witte deken vormden die haar omhulde, haar verwarmde.
Ze sloot haar ogen en nam de innerlijke dans waar die vooraf ging aan de afzet in haar vlucht, nog niet dacht ze, nog niet…

Haar ogen weer geopend keek ze naar wat er voor haar lag, de warme klanken van de muziek liet kleine tintelingen op haar huid achter. Een nieuwe herinnering zorgde voor een warme gloed die begon als een blosje op haar wangen en eindigde met een warmte op haar billen wanneer deze door hem langdurig waren geplaagd, geprikkeld en geslagen. Geliefkoosd en gekust, gestreeld en gekrabd tot ze gek was geworden van verlangen om zijn harde hand te voelen, waarna ze zichzelf met schorre stem hoorde fluisteren haar te geven waar ze zo naar verlangde. ‘Alsjeblieft plaag me niet langer, geef het me, toe…’ en zijn antwoord een reeks ferme tikken op haar billen was geweest die haar vlucht hoger en intenser hadden gemaakt. Tot ze uitgeput was geland en bijkwam in zijn armen, in zijn ogen had gekeken en met een glimlach en een plagend stemmetje had gezegd ‘was dat alles…’, waarna ze genoot van de felheid en de twinkeling in zijn ogen terwijl zijn stem zachtjes bromde ‘pas op hé, je speelt met vuur’.

Terwijl de muziek wegstierf zweefde ze terug naar de werkelijkheid, de herinnering loslatend en zichzelf overgevend aan het nu, aan haar zijn. Dat was de kracht van haar overgave, te kunnen zijn in haar zijn. Volledige overgave aan zichzelf, en daarmee onvoorwaardelijke overgave aan hem.
Ze bekeek de spullen die voor haar lagen, ze waren haar even vertrouwd als de haarborstel waarmee ze smorgens haar lange weerbarstige krullen in model probeerde te krijgen, of de crème die ze op haar gezicht smeerde en die hij ooit op haar billen gesmeerd had in een poging het nagloeien wat te verzachten. Een ondeugende glimlach brak door op haar gezicht terwijl ze zichzelf hoorde zeggen wat ze natuurlijk in zo’n moment beter niet had kunnen zeggen, of hij dacht dat anti rimpel crème de oplossing was voor rode billen.
Dat was de inleiding geweest van een nieuwe dans die zo vol vuur en passie had gezeten dat het hen tot diep in de nacht had meegenomen, het had hen vervoerd en in vervoering gebracht en met een gelukzalige glimlach was ze in zijn armen in slaap gevallen. Haar lichaam bedekt met een rozig gloeiende warmte, haar hoofd leeg van het zweven en gevuld met rust.

Ze nam de houten lineaal in haar handen en eventjes trok er een huivering door haar lichaam, toen haar lichaam zich de impact herinnerde die een lineaal als deze kan hebben. Ze schoof de speeltjes heen en weer, twijfelend waar ze mee zou beginnen. Haar ogen gingen van de lineaal naar de kleine haarborstel,wetend dat deze onschuldig oogde maar een niet geheel onschuldig effect had. De rode cane schoof ze opzij, nu nog niet, daar was ze nog niet klaar voor. Opnieuw keek ze naar de lineaal en de haarborstel, vanuit haar ooghoeken zag ze de tepelklemmen liggen en ze werd zich gewaar hoe sterk haar tepels verlangden naar de druk van de klemmen. Nog niet vermande ze zichzelf, niet te snel gaan nu.

Abrupt koos ze voor de kleine haarborstel, schuifelend op haar knieën draaide ze zich om en boog over het kleine krukje dat schuin naast haar stond. Het krukje had een stoffen midden gedeelte wat het makkelijk maakte zich erover heen te buigen en zo steun te geven aan haar lichaam, en tegelijkertijd voldoende beweging te kunnen maken.
De eerste tik kwam zacht aan, ze voelde een mengeling van emoties opborrelen. Weerstand om wat ze aan het doen was, verlangen om meer te voelen, onzekerheid om door te gaan en een sterke behoefte om op te staan en weg te lopen. ‘Keer terug naar het zijn’ sprak ze tegen zichzelf, ze vermande zich en de volgende tik was meer beheerst en harder. Afwisselend sloeg ze met de kleine haarborstel op haar rechter en linkerbil, de zo bekende gloed verwelkomend. Na een tijdje stopte ze en hief zichzelf op van het krukje, ze keerde terug naar de positie waarin ze zich zo prettig voelde. Ze boog haar hoofd en sloot haar ogen, even bleef ze zo zitten om daarna de houten lineaal op te pakken. Ze twijfelde, zou ze het doen? Ze koos voor de moeilijkste houding, ze schoof een kussen tegen het krukje en ging op haar rug liggen. Haar benen omhoog, met haar voeten steun zoekend tegen de rand van een kastje achter haar. In een strak tempo sloeg ze met de linaal op haar billen, in gedachten telde ze mee tot ze een vijftig tal tikken op beide billen had gegeven. Ze spreidde haar benen en onderdrukte de neiging om te stoppen, ze wist dat dit het moeilijkste moment zou worden en toch…ze wilde doorzetten. Juist nu.

Met een enorme zelfbeheersing gaf ze zichzelf de eerste harde klap op haar meest intieme delen, ze hapte naar adem toen de pijn snijdend tot haar doordrong. Een volgende tik, opnieuw de pijn. Ze gaf zichzelf tijd om te herstellen, haalde diep adem en gaf zichzelf een volgende klap, de pijn vormde een bewegende lijn die zich leek te verbinden met haar binnenste, met haar zijn, haar overgave. Tranen schoten in haar ogen toen ze voor de laatste, tiende, keer de lineaal liet neerkomen. Ze liet de lineaal rusten waar deze was neergekomen, het brandende gevoel in haar negerend. Een traan rolde uit haar ooghoek, gleed over haar wang en verdween in het niets.
Langzaam kwam ze overeind en keerde terug naar de geknielde positie, met een gevoel van opluchting en trots keek ze naar de collar die voor haar lag. Voorzichtig streelde ze met haar vinger langs het soepele leer, ze liet haar vinger rusten op de kleine zilveren o-ring. Het was of de collar tot haar sprak, haar aanspoorde om door te zetten, niet op te geven. Ze nam de collar op en liet deze door haar handen glijden, ze bracht haar handen naar haar nek en legde de collar in haar nek, met één soepele beweging maakte ze de collar dicht aan de achterkant. Haar hand dwaalde door haar haar en eventjes voelde ze zich verdwaald, tot het zonlicht op het ijzer van de tepelklemmen viel. Een kleine flikkering trok haar aandacht, ze glimlachte en pakte de klemmen op. Eén voor één bevestigde ze de klemmen aan haar tepels, ze verwelkomde het bekende en vertrouwde gevoel toen de klemmen op haar tepels drukte en ze het koele staal van de ketting op haar huid voelde.

Ze stond op, trok een truitje aan en schoof haar rok, getooid met rode linten, omlaag om vervolgens in haar rode pumps te stappen. Met een zelfverzekerde beweging liep ze naar het bed om daar de enkelbandjes van haar schoenen vast te maken waarna ze naar de spiegel liep om zichzelf te bekijken. Ze was verwonderd over haar aanblik, over de schittering in haar ogen en de kracht van haar uitstraling. Ze was er bijna klaar voor.
Haar rok schoof ze omhoog om het kleine kousenbandje goed te schuiven, het miniscuul zilveren sleuteltje bungelde naast de o-ring die met een zwart lint aan de kousenband was bevestigd. Met iedere beweging die ze maakte voelde ze het sleuteltje en de ring bewegen, evenals de tepelklemmen. Ze liep terug naar de plek waar ze zoëven nog geknield gezeten had en pakte de rode cane op.

Nu was ze er klaar voor….

Terwijl ze de trap afliep kon ze het geroezemoes in de woonkamer horen, de muziek stond zachtjes aan en leek de warmte in de kamer te versterken. Haar hakken tikten zachtjes op het laminaat terwijl ze voorzichtig de deur opende, het was of ze direct werd opgenomen door de onzichtbare vleugels die haar droegen. De kamer was gevuld met een select groepje mensen, dit was een bewuste keuze geweest. Kaarsen zorgden voor gedempt licht, ze keek in ogen die bekend en vertrouwd waren en in alle ogen las ze dezelfde boodschap, ‘Ben je er klaar voor?’

Ze glimlachte en knikte, terwijl ze naar het midden van de kamer liep.  De rode cane hield ze in haar linkerhand, en met haar rechterhand maakte ze de tepelklemmen los. Ze gaf deze aan haar vriendin die rechts naast haar was komen staan. Met een vloeiende beweging schoof ze de kousenband van haar been, deze gaf ze aan de vriend die links naast haar was komen staan. Met de cane in haar hand liep ze naar voren, de kamer werd gevuld door een vreemde stilte, zelfs de muziek leek even haar adem in te houden.
Ze hoorde hoe haar vriend en vriendin achter haar met haar mee bewogen en weer naast haar kwamen staan, ze hief haar handen op met de handpalmen naar boven en zorgde dat de rode cane op haar handen rustte. In haar rechterhand werden de tepelklemmen gelegd, in haar linkerhand het kousenbandje.

Ze deed een stap naar voren, en legde met een teder gebaar de cane, de tepelklemmen en de kousenband met daaraan haar o-ring bevestigd in de kist.
Tranen rolden over haar wangen terwijl ze naar hem keek. Dit was een afscheid voor altijd….ze bracht haar handen naar haar hals en maakte de collar los, ook deze legde ze in de kist bij hem. Waarna ze zich over hem heen boog en zijn koele huid kuste.

‘Tot in mijn dromen’ fluisterde ze.

Geef een reactie